Nederlanders in de Alentejo

Zon, witte huisjes, kurkeiken en veel wijngaarden. Wel 13.000 hectare. Het gebied is groot, bijna een derde van Portugal. In het Noorden de Taag, het oosten Spanje, het westen de Atlantische oceaan en in het zuiden de Algarve. Ik ben er graag!

In de zomer is het er heet, 40 graden is geen uitzondering. Dat proef je aan de wijnen. Ze zijn aromatisch, complex en vol van smaak. Het eten is er goed. Er wordt veel gejaagd. Fazant, wild zwijn en haas. Maar ook schaap en geit komen regelmatig voor op het menu. Niet alleen als vlees, maar ook in de vorm van heerlijke kaasjes. Je koopt ze op de markt.

Er wonen relatief veel Nederlanders in de Alentejo. Niet alleen pensionado’s maar ook boeren en online werknomaden. Schrijvers, journalisten, ik ken er een paar. Ondanks de hitte is het er goed toeven. Het landschap is mooi, het leven relaxed. Wandelen door de Alentejo is de moeite waard. Ik doe het vaak. Je kunt vrij door de landerijen lopen. Wel oppassen voor jachtgebieden. Soms moet je een stukje langs de hoofdweg. Auto’s stoppen of je mee wilt rijden. Liever lopen? Portugezen snappen daar helemaal niets van. Het zijn geen wandelaars. Ze nemen voor alles de auto.

Mijn Portugese zwager Luis heeft -samen met familie- een quinta in Estremoz met een grote kurk-plantage. We gaan er vaak naar toe. Lunch op zondag met 15-20 mensen rond de tafel. Veel wijn, tomaten, olijven, kaasjes, zelf gebakken brood op tafel en een geitje of lammetje aan het spit. Een keer in de negen jaar rinkelt de kassa. Dan mag de kurk van de bomen. Dagloners doen hun werk. Grote stapels langs de weg, die de volgende ochtend worden opgehaald. De opzichter slaapt ‘s nachts op de kurk. Anders gaat het niet met de goede vrachtwagen mee….

Liefs-Joke

Wil je leuke wijntips en interessante aanbiedingen ontvangen? Schrijf je hier in!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *